QNAP Systems, Inc. - netwerk opslag (NAS)

Language

Support

Q'center Virtual Appliance gebruiken in virtuele omgevingen

1. Uitdagingen en oplossingen

Q'center heeft nu Q'center Virtual Appliance waarmee u Q'center in virtuele omgevingen zoals Microsoft Hyper-V of VMware ESXi, Fusion en Workstation kunt gebruiken. Als u Q'center gebruikt als een virtuele toepassing vergroot u daarmee de flexibiliteit en connectiviteit ervan voor grote omgevingen en hoeft u geen gebruik meer te maken van een locale QNAP NAS om andere NAS-systemen te monitoren, en kunt u een bestande centrale server gebruiken om elke NAS-eenheid te monitoren.

QNAP
Gebruik een bestaande centrale server om uw QNAP NAS te beheren met Q'center Virtual Appliance.

2. Hoe te beginnen

2.1. Systeemvereisten

Uw server moet aan de volgende vereisten voldoen om Q'center Virtual Appliance te gebruiken:

Minimum vereisten: 108 GB aan schijfruimte, 1 GB aan geheugen en 4 virtuele CPUs.
Ondersteunde platformen: VMware ESXi (ESXi 5.0, ESXi 5.1, ESXi 5.5), VMware Fusion 7, VMware Workstation 11, Microsoft Windows Server 2012 R2 met Hyper-V 3.0, Oracle VM Virtualbox (niet-officiële).

2.2. Download Q'center Virtual Appliance

Ga naar de onderstaande link en download één van de volgende pakketten afhankelijk van uw virtuele omgeving om Q'center Virtual Appliance te installeren. Na het downloaden moet u Q'center map uitpakken en in uw server plaatsen.

QNAP
Download Q'center Virtual Appliance vanuit https://www.qnap.com/utility/
QNAP
Het gedownloade pakket moet een map met de naam "Qcenter" bevatten. Plaats het in uw server om het te gaan gebruiken.

3. Q'center gebruiken in een virtuele omgeving

3.1. Q'center gebruiken in Microsoft Hyper-V

Open "Server Manager" (Serverbeheer) in uw Windows server, selecteer "Tools" (Extra) in de rechterbovenhoek en klik op "Hyper-V Manager" (Hyper-V Manager).

#U kunt Hyper-V Manager installeren via "Add roles and features" (Rollen en functies toevoegen) als u het nog niet had geïnstalleerd.

QNAP
Selecteer "Tools" (Extra) in de rechterbovenhoek en klik op "Hyper-V Manager" (Hyper-V Manager) om Q'center te importeren.

Selecteer een server en kies "Import Virtual Machine" (Virtuele machine importeren) in Hyper-V Manager. Het systeem zal aan u vragen om een map te selecteren. Selecteer de map die u eerder hebt gedownload en uitgepakt. Volg de aanwijzingen in de wizard op. Selecteer "De virtuele machine kopiëren (een nieuwe unieke ID creëren) in "Kies Importtype". Nadat u de instellingen hebt voltooid zal Hyper-V Manager Q'center in uw server importeren. Nu wordt Q'center in de lijst "Virtual Machine" (Virtuele Machine) weergegeven. Rechtsklik erop en selecteer "Connect" (Verbinden) om Q'center te starten.

QNAP
Selecteer de door u uit het gedownloade bestand uitgepakte "Qcenter" (Qcenter) map.
QNAP
Selecteer "De virtuele machine kopiëren (een nieuwe unieke ID creëren) in "Choose Import Type" (Kies Importtype).
QNAP
Hyper-V Manager begint met het importeren van Q'center in uw server als de instellingen correct zijn.
QNAP
Q'center wordt weergegeven in de lijst "Virtual Machine" (Virtuele Machine); rechtsklik erop en selecteer "Connect" (Verbinden) om Q'center te starten.
Raadpleeg hoofdstuk 4 om uw Q'center te configureren.

3.2. Q'center gebruiken in VMware ESXi

Open VMware vSphere Client en log in op uw server om Q'center Virtual Appliance te kunnen gebruiken. Kies "File" (Bestand) > "Deploy OVF Template" (OVF-sjabloon gebruiken) in de menubalk om het te gaan gebruiken. Ga in de wizard naar de map die u eerder hebt gedownload en uitgepakt, en selecteer het "Q'center" OVF-bestand om verder te gaan.

QNAP
Selecteer "Deploy OVF Template" (OVF-sjabloon gebruiken) om het te gaan gebruiken.
QNAP
Ga naar de "Qcenter" map die u eerder hebt uitgepakt uit het gedownloade bestand, en selecteer het "Q'center" OVF-bestand om verder te gaan.

Als de procedure in de wizard is voltooid moet het mogelijk zijn om uw instellingen te bekijken. VMware vSphere Client zal beginnen met het gebruik van Q'center nadat u deze instellingen hebt bevestigd. Controleer na het voltooien hiervan het pictogram "Inventory" (Inventaris) in VMware vSphere Client, en rechtsklik op "qcenter" en selecteer "Power on" (Inschakelen) en "Open Console" (Console Openen) om verbinding te maken met Q'center.

QNAP
Bevestig uw instellingen voor het gebruiken van Q'center.
QNAP
Rechtsklik in "Inventory" (Inventaris) op "qcenter"in de linkerlijst, selecteer "Power on" (Inschakelen) en "Open Console" (Console openen) om verbinding te maken.

4. Q'center Virtual Appliance gebruiken

Nadat de verbinding tot stand is gekomen verschijnt er een console voor Q'center. In de console verschijnt een http-adres waarmee u verbinding kunt maken met de UI van Q'center. Open uw browser en voer het adres in om Q'center te initialiseren door het wachtwoord en de tijdzone te veranderen, het IP-adres in te stellen en door servers toe te voegen. Als alle instellingen zijn voltooid kunt u gebruik maken van Q'center Virtual Appliance. Anders kunt u het standaard account en het wachtwoord admin/admin invoeren om in te loggen op de console.

#Als uw browser de melding geeft dat de verbindingen niet privé zijn, moet u eerst "Advanced" (Geavanceerd) en "Proceed to your Q'center address" (Ga verder naar uw Q'center-adres) selecteren zodat u SSL-instellingen in Q'center kunt importeren.

QNAP
Voer het standaard account en wachtwoord admin/admin in om Q'center te kunnen gebruiken.
QNAP
Gebruik de browser in uw server om de UI van Q'center te kunnen gebruiken en om Q'center te starten. Q'center Virtual Appliance stelt u in staat om het wachtwoord van de beheerder en de tijdzone van de server te veranderen. Dit kunt u ook later in "Instellingen" doen.
QNAP
Q'center Virtual Appliance stelt u in staat om een specifiek statisch IP-adres of DNS-serveradres in te stellen voor Q'center, waarmee de connectiviteit wordt verbeterd. U kunt deze instellingen later ook in "Settings" (Instellingen) veranderen.
QNAP
In de laatste stap moet u de server selecteren die u in deze Q'center wilt monitoren.
QNAP
Nu hebt u via uw browser altijd toegang tot Q'center Virtual Appliance.

5. Extra instellingen in Q'center Virtual Appliance

Zoals eerder vermeld zijn een paar instellingen alleen toegankelijk via Q'center Virtual Appliance. U kunt deze instellingen benaderen via "Settings" (Instellingen) > "Guest OS setting" (OS-instellingen gast) in Q'center nadat u uw account en wachtwoord hebt bevestigd.

QNAP
Wijs een specifiek statisch IP-adres of DNS IP-adres toe aan Q'center Virtual Appliance zodat de connectiviteit wordt verbeterd.
QNAP
Verander de tijdzone en de tijd van Q'center om deze overeen te laten komen met de tijd van uw server.
QNAP
Upload een SSL-certificaat en Privé sleutel die u reeds gebruikt voor uw server, of gebruik het standaard certificaat en privé sleutel die door QNAP worden geleverd.
QNAP
Schakel de SSH en SFPT-verbindingen in voor nog meer veiligheid.
Uitgavedatum: 2015-10-06
Was dit nuttig?
Bedankt voor uw feedback.
Bedankt voor uw feedback. Neem contact op met support@qnap.com als u vragen hebt.
11% van de mensen vond dit nuttig