QNAP Systems, Inc. - netwerk opslag (NAS)

Language

Support

Hoe Container Station te gebruiken

Inleiding

QNAP Container Station integreert uitsluitend LXC (Linux Container) en Docker® lichtgewicht virtualisatietechnologieën, waardoor u meerdere geïsoleerde Linux-systemen op een QNAP NAS kunt bedienen, maar ook duizenden apps kunt downloaden vanuit de hele wereld.

 

Hoe Container Station te gebruiken

Om de Container Station op een QNAP NAS te installeren, moet u eerst inloggen op de NAS als een beheerder, en ervoor zorgen dat het met internet verbonden is.

  1. CONTAINER STATION INSTALLEREN
    Ga naar “App Center” > “Utilities” of “QTS Essentials”, en zoek Container Station. Klik op “Add To QTS” (Aan QTS toevoegen) (Alleen QTS 4.2 of hogere versies.)
  2. AAN DE SLAG
    Nadat de installatie is voltooid, klikt u op de snelkoppeling op het hoofdmenu. De eerste keer dat de Container Station wordt gebruikt, zal het vragen om een standaard map om images en containers in op te slaan. Selecteer de gewenste map en klik op "Start Now" (Nu beginnen).

Een container maken

Containers maken gebruik van een architectuur met twee lagen: "image" en "container".

Image:
Een imagebestand is sjabloon dat alleen leesbaar is, en gebruikt wordt om een container te maken. De image kan een versie van Linux zijn (zoals Ubuntu 14.04) of een specifieke toepassing bevatten zoals MySQL. Imagebestanden kunnen ingebouwd zijn in de Container Station, geïmporteerd vanaf een NAS / PC, of gedownload van de Docker Hub Registry. Er zijn drie soorten images: (1) LXC (2) Docker (3) App.

Container:
Containers are created using image files and can be readable, writable, and executable. An image can create multiple containers.

*Opgelet: LXC images maken LXC containers, Docker images maken Docker containers. Beide containers zijn onafhankelijke formaten en kunnen niet worden omgezet.

  1. SNEL EEN LXC CONTAINER MAKEN
    QNAP LXC images bieden een verscheidenheid aan de Linux-distributies, zodat u snel op Linux-gebaseerde virtuele machines kunt maken.
    Klik op “Create Container” (Container maken) > klap uit “QNAP LXC / Docker Images”, en u zult enkele ingebouwde LXC images zien (Debian / Fedora / Ubuntu).
    Met Ubuntu als voorbeeld, klik op “Install” (Installeren):

    Het dialoogvenster van “Create Container” (Container maken) zal verschijnen. Hier kunt u informatie wijzigen zoals de naam een het gebruik van bronnen. Eenmaal klaar, klik op “Create” (Maken).

    De installatie voert twee acties uit inclusief “download” en “create” (maken). U kunt de voortgang volgen in “Background Tasks” (Achtergrondtaken).

    Na de installatie zal een containernaam worden toegevoegd aan het linker hoofdmenu. Klik op de containernaam ("Ubuntu-trusty-1" in dit voorbeeld) om de pagina van het containerbeheer te openen.

    De beheerpagina van de container biedt een console UI, waarin u een ‘command line interface’ gebruiken kunt om de container te bedienen.
  2. SNEL EEN DOCKER CONTAINER MAKEN
    Docker image files offer a variety of customized or practical applications, such as WordPress, LibreOffice. Using WordPress as an example, click “Create Container” > Expand “Popular Docker Hub Images” > find “WordPress” and click “Install”.

    Het dialoogvenster van “Create Container” (Container maken) zal verschijnen. Hier kunt u informatie wijzigen zoals de naam en het gebruik van bronnen. Eenmaal klaar, klik op “Create” (Maken):

    De installatie voert twee acties uit inclusief “download” en “create”. U kunt de voortgang volgen in “Background Tasks” (Achtergrondtaken).

    Na de installatie zal een containernaam toegevoegd worden aan het linker hoofdmenu. Klik op de containernaam (“wordpress-1” in dit voorbeeld) om de beheerpagina van de container te openen.

    De containerpagina toont instellingen voor “port forwarding” (poort doorsturen) en hyperlinks indien de toepassing een webservice is. U kunt op de hyperlink klikken om verbinding te maken met uw WordPress.

    WordPress kan nu gebruikt worden.
  3. SNEL EEN APP CONTAINER MAKEN
    Apps zijn groepen Docker-images met als doel een complete service te verlenen, zoals een Applicatie + Database, en ook pakketten die snel te installeren zijn. Met GitLab als voorbeeld kunt u zien dat deze app GitLab, PostgreSQL en Redis images bevat.
    Om GitLab te maken klikt u op “Create Container” (Container maken) > Klap uit “QNAP LXC / Docker Images” > zoek “GitLab” en klik op “Install” (Installeren).

    De volgende stap zal de GitLab URL en de gebruikersnaam en het wachtwoord weergeven. Onthoud deze en klik op "Create" (Maken).

    De installatie voert twee acties uit inclusief “download” en “create”. U kunt de voortgang volgen in “Background Tasks” (Achtergrondtaken).

    Na de installatie zal het linker hoofdmenu drie containers bevatten:
    gitlab1_gitlab_1
    gitlab1_postgresql_1
    gitlab1_redis_1

    Deze drie containers kunnen een complete GitLab-service bieden. Klik op “gitlab1_gitlab_1” om de containerpagina te openen.

    De containerpagina toont instellingen voor “port forwarding” (poort doorsturen) en hyperlinks indien de toepassing een webservice is. U kunt op de hyperlink klikken om verbinding te maken uw GitLab.

    Vul de gebruikersnaam en het wachtwoord in (standaard: root / 5iveL! Fe) en log in om GitLab te kunnen gebruiken.
  4. CONTAINERS MAKEN GEDOWNLOAD VANUIT DE DOCKER HUB REGISTRY
    U kunt ook gebruik maken van de zoekbalk om specifieke applicaties of Linux-distributies te vinden. Op de pagina "Create Container" (Container maken) kunt u zoeken naar een naam van de toepassing (zoals "php") van de Docker Hub Registry.

    Kies een toepassing uit de zoekresultaten en klik op "Install" (Installeren). De standaard versie is de laatste, en u kunt dit veranderen met de keuzelijst.

    Het dialoogvenster “Create Container" (Container maken) zal verschijnen. Hier kunt u informatie wijzigen, zoals de naam en het gebruik van bronnen. Eenmaal klaar, klik op "Create" (Maken):

    De installatie voert twee acties uit inclusief “download” en “create”. U kunt de voortgang volgen in “Background Tasks” (Achtergrondtaken).

    Na de installatie zal een containernaam worden toegevoegd in de linker hoofdmenu. Klik op de containernaam ("php-1" in dit voorbeeld) om de containerpagina te openen.
  5. LOCALE IMAGES
    Images worden opgeslagen op de NAS. U kunt geïnstalleerde images bekijken en onnodige verwijderen via "Create Container" (Container maken) > “Local images” (Locale images).
    * Opgelet: Een app-pakket zal worden opgesplitst in afzonderlijke images.
Uitgavedatum: 2015-10-12
Was dit nuttig?
Bedankt voor uw feedback.
Bedankt voor uw feedback. Neem contact op met support@qnap.com als u vragen hebt.
44% van de mensen vond dit nuttig